Home > Onderwijs > Bacheloropleidingen > Engelse taal en cultuur > Hoe is de opleiding ingedeeld?

Engelse taal en cultuur

Opleiding in twee delen: Taalkunde en Letterkunde

In de driejarige bacheloropleiding Engelse taal en cultuur volg je hoor- en werkcolleges. Bij hoorcolleges doe je kennis en inzichten op uit de vakliteratuur. Bij werkcolleges ga je zelf aan de slag. In kleine groepen doe je onderzoek en werk je opdrachten uit. Daarnaast train je algemene academische vaardigheden zoals presenteren, schrijven en discussiëren.

De opleiding Engelse taal en cultuur bestaat uit de componenten taalkunde en letterkunde. Bij Engelse taalkunde leer je veelzijdig en professioneel communiceren in het Engels. Je leert teksten en gesprekken analyseren, zodat je snapt hoe mensen communiceren. Daarnaast volg je taalvaardigheidsvakken zoals Advanced Language Skills, waarbij je in kleine groepen werkt aan vertaalopdrachten. Ook maak je opdrachten met gastdocenten uit de praktijk. Je leert bijvoorbeeld wervingsteksten schrijven, ondertitelen, tolken en webteksten redigeren. Bovendien leer je presentaties geven over complexe wetenschappelijk onderwerpen. En je volgt een beroepsgerichte module waarin je je sterke en zwakke punten analyseert en inzicht krijgt in het sollicitatieproces.  

Engelstalige letterkunde gaat over literatuur en cultuur. Je maakt kennis met verschillende literaire genres uit het hele Engelse taalgebied. De eerstejaarscursus Introduction to Literature biedt meteen een goed overzicht: je leest romans, essays, gedichten en toneelstukken, en leert teksten analyseren. Hoe begint een gedicht? Wat voor taal gebruikt de schrijver? Hoe maak je een verhaal spannend? Je bestudeert hiervoor literatuur uit Engeland én uit andere Engelstalige landen.

Het programma

De bacheloropleiding Engelse taal en cultuur duurt drie jaar. Hierin volg je hoor- en werkcolleges. Bij hoorcolleges draait het om kennis, om inzichten uit de vakliteratuur. Bij werkcolleges ga je zelf aan de slag. In kleine groepjes doe je onderzoek en werk je opdrachten uit.

Het eerste jaar
In het eerste jaar leg je de basis. Als je hebt gekozen voor de combinatie Engelse taalkunde en Engelstalige letterkunde, volg je zowel taalkunde- als letterkundevakken en werk je aan algemene academische vaardigheden: presenteren, schrijven, discussiëren. Als je voor een andere combinatie van majoren kiest, volg je uiteraard de vakken die bij die combinatie horen.

Het tweede en derde jaar  
In het tweede en derde jaar volg je een aantal verplichte vakken, en heb je keuzeruimte die je naar eigen inzicht invult. Je kunt een tijdje in het buitenland studeren, een stage lopen of keuzevakken volgen, waaronder de Basiscursus Spaans of Maatschappelijke ontwikkeling van de VS. Of je kiest bijvoorbeeld de afstudeerrichting Amerikanistiek. Je bestudeert dan vooral Amerikaanse literaire teksten. Daarnaast analyseer je Amerikaanse films en kunst, zodat je het land beter begrijpt. Kies je naast de major Engelstalige letterkunde de major Global History als tweede major, dan kun je Amerika ook vanuit een historisch perspectief doorgronden. Door die verschillende invalshoeken bekijk je dit fascinerende land op een zo breed mogelijke manier.

In je derde jaar sluit je de opleiding af met een scriptie. Hierbij krijg je begeleiding van een docent van de opleiding.

 
Video gemaakt door Margo de Leeuw in het kader van het "Adopt a poem" project voor het vak "Poetry 1".

Verdere verbreding en verdieping

In het totale bachelorprogramma is de ruimte voor de minor minimaal 20 en maximaal 30 studiepunten, te vullen met onderdelen van minimaal 10 studiepunten en te kiezen in het tweede en/of derde jaar.

Deze minor is bedoeld ter verbreding of verdieping van de eerste major of de combinatie van majoren en is zoveel mogelijk een samenhangend geheel van onderdelen. Per opleiding of combinatie van majoren zijn aanbevolen minorpakketten vastgesteld. Deze zijn te vinden bij de betreffende opleiding. In principe is de minor vrije keuze, maar bij bepaalde majorcombinaties wordt de minorruimte verplicht ingevuld, al of niet met het oog op aansluiting op bepaalde masteropleidingen, zoals de lerarenopleidingen.

Kijk hier voor meer informatie over de minoren en keuzevakken.

Jaarindeling

Het jaar is ingedeeld in twee semesters, die elk bestaan uit 3 perioden: 2 perioden van 8 weken en 1 periode van 4 weken. De perioden van 8 weken bevatten 7 weken college, gevolgd door een tentamenweek. Week 7 kun je ook invullen als inhaalweek, herhalingsweek, voor proef- of deeltentamen, dagexcursie of vragenuurtje. De lesstof moet je dan indelen in 6 weken.

De periode van 4 weken (de maanden januari en juni) is bestemd voor zelfstudie, het afronden van werkstukken en intensieve cursussen of excursies. 
 
Tentamenweken
Er zijn 6 tentamenweken per jaar, aan het eind van iedere periode. Voor ieder tentamen heb je in principe 1 herkansing.

Jaarschema Engelse taal en cultuur

© Copyright Vrije Universiteit Amsterdam

spamfuik@vu.nl