Veelgestelde vragen


Gaat Oudheidstudies door het interdisciplinaire karakter wel diep genoeg? Word je in de beroepspraktijk erkend als gespecialiseerd archeoloog, classicus of historicus?

Het antwoord op beide vragen luidt: ja. De garantie voor diepgang en specialisatie ligt in de keuze van je traject en de invulling van de specialisatiemodulen, de tutorials en de scriptie. Een student met een bachelor archeologie kiest daarin overwegend vakken met een archeologische inhoud, een classicus volgt hoofdzakelijk colleges op het gebied van Grieks en Latijn. Historici en Oudheidkundigen vullen hun programma met oudhistorische onderdelen. Geïnteresseerden in Mesopotamië volgen colleges over taal en cultuur van Mesopotamië. Puur monodisciplinaire wetenschap bestaat tegenwoordig echter nauwelijks meer. Wat de opleiding aan de VU voor heeft op andere opleidingen, is dat je niet alleen opgeleid wordt tot een goede specialist in je vakgebied maar bovendien getraind wordt in interdisciplinair denken.

Is het niveau wel voldoende als studenten met zulke verschillende bacheloropleidingen toegelaten worden? Hoe kunnen studenten met een opleiding archeologie (waar de kennis van oude talen nauwelijks een rol speelt) en GLTC (dat hoofdzakelijk op studie van taal en letterkunde is gericht) met succes één en dezelfde opleiding volgen?

Het niveau wordt bewaakt doordat voor elke module aparte ingangseisen worden gesteld. Een archeoloog mag geen modulen volgen over Griekse taalkunde en een classicus geen technisch gespecialiseerd archeologisch vak. Voor colleges op het gebied van Griekse en Romeinse geschiedenis is het noodzakelijk dat je Griekse en Latijnse teksten kunt lezen. Bij de assyriologische colleges is kennis van het spijkerschrift vereist. Ook in de interdisciplinaire colleges wordt bij de verdeling van de opdrachten rekening gehouden met de eigen expertise van de student. Daarom stippelt elke student in overleg met de tutor een programma uit dat past bij de vooropleiding van de student.

Is het beroepsperspectief van de onderzoeksmaster niet slechter dan van de eenjarige master omdat de opleiding vooral op de wetenschap is gericht?

Het niveau van de onderzoeksmaster is in de regel hoger dan dat van de gewone master. Een student die de onderzoeksmaster heeft gevolgd is dus in de meeste gevallen ook of zelfs beter in staat functies uit te oefenen waarvoor ook afgestudeerden van een vergelijkbare gewone master in aanmerking komen. De keuze voor een onderzoeksmasteropleiding betekent dus niet dat je je beperkt in je toekomstmogelijkheden, integendeel. 

© Copyright Vrije Universiteit Amsterdam
Zie ook

spamfuik@vu.nl